Werking


Hoe de FoamShield schuim opsluiting werkt

Schuim bestaat uit holle ruimten van water (bellen) die gevormd worden als water gemengd wordt met lucht. Het toevoegen van actieve chemicaliën aan het schuim reduceert de oppervlaktespanning van water wat het formeren van een massa uniforme kleine bellen stimuleert. Deze schuimmassa is stabieler dan het schuim dat ontstaat met de grote bellen zoals bijv. met wasmiddelen ontstaat. Het Schuim Containment Systeem genereert de meest stabiele schuim structuur die bereikbaar is.

Schuim is veel effectiever dan puur water. Indien het schuim op de juiste wijze wordt toegepast kan het in specifieke gevallen veel tijd, moeite en grondstoffen besparen. Het FoamShield schuim is zo samengesteld dat het een minimale impact heeft op de omgeving en het veilig is om mee te werken en uiterst effectief is in het immobiliseren en opsluiten van vezels en (fijn)stof.

 


De huidige gebruiksmogelijkheden

Het FoamShield schuim is als extra voorzorg en veiligheidsmaatregel thans zonder wettelijke beperking toe te passen als zogenaamde “wetting agent” en zonder twijfel de meest effectief thans beschikbare vezel opsluitende techniek. Maar biedt nu nog niet de economische voordelen van terug schaling in veiligheidsrisicoklasse.

Totdat de Smart toegang biedt tot nieuwe werkmethoden, met behulp van de SC547 die thans in ontwikkeling is en binnenkort beschikbaar komt, is toepassing van FoamShield techniek nog slechts conditioneel inzetbaar op projecten met een repeterend karakter. De Smart genereert thans nog uitsluitend automatisch een koppeling aan traditionele saneringsmethoden, en indeling in daarbij behorende Risicoklassen, zonder de mogelijkheid om gevalideerde alternatieve nieuwe werkmethoden te kunnen vermelden c.q. te kunnen inbrengen.

Hiervoor dient thans nog een projectgebonden SC 548 validatie plaats te vinden waarbij binnen ten minste 3 afzonderlijke containments een meting dient plaats te vinden die aantoont dat onder de wettelijk vastgestelde emissiegrenswaarde de sanering op die specifieke toepassing(en) van asbest met FoamShield techniek kan worden toegepast met het bijbehorende werkprotocol, en terug geschaald kan worden naar een veiligheidsrisicoklasse 1 of 2 buiten containment voor de overige woningen.

Het gevolg hiervan is dat inzet van de FoamShield techniek thans nog uitsluitend wordt aangewend voor woningcorporaties en projecten met een zekere schaalgrootte en dat de particuliere markt nog niet echt bediend kan worden. Deze validatie gegevens, voortkomend uit SC 548 projecten dienen wel tevens als feitelijke onderbouwing vanuit historisch aangetoonde feiten zodra de SC 547 beschikbaar komt.